Nederlands consortium Flying Swans helpt economieën Afrika vooruit met duurzame ketens voor landbouwproducten

Afrika belooft de komende decennia eindelijk tot economische bloei te komen. De Chinese overheid en Japanse conglomeraten hebben het continent al ontdekt. Zonder aanvullende investeringen profiteren de lokale economieën weinig van de Aziatische miljarden voor de basisinfrastructuur: havens, railverbindingen, et cetera. Het Nederlandse consortium Flying Swans springt in dit gat: het zorgt in samenwerking met lokale overheden en ondernemers voor de ontwikkeling van een duurzame agrologistieke infrastructuur en handelsstromen die gunstig zijn voor Nederland én ten goede komen aan de plaatselijke bevolking. Marcel Biemond vertelt gepassioneerd over de bijzondere aanpak.

 

Flying Swans is een consortium dat bestaat uit Havenbedrijf Rotterdam, Boskalis International, Mercator Novus, en partnerorganisatie GroentenFruit Huis. Het consortium werkt nauw samen met de ministeries van Buitenlandse Zaken en Landbouw, Natuur en Milieu, de ambassades en de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO.

 

Bijzondere combinatie

“Een bijzondere combinatie van partijen, over de grenzen van sectoren heen. Met kennis van logistiek en de agro-industrie, maar ook van bouw en havenontwikkeling. Parels uit de mainport/greenport-sector”, legt Marcel Biemond uit. Hij is partner bij Mercator Novus (project development advisory) uit Rotterdam, dat namens het consortium verantwoordelijk is voor de aansturing van de activiteiten en projecten van Flying Swans.

“We hebben in de loop der tijd veel agrologistieke supply chains gezien, wereldwijd, maar de Nederlandse mainport/greenport-combi is top-of-the-bill: de jaarrond beschikbaarheid van alle verse producten in combinatie met de logistieke penetratie door heel Europa is ongeëvenaard. De infrastructuur die nodig is voor deze logistieke efficiency – havens, cold stores, consolidatiecentra, kwaliteitsinspectiesystemen et cetera – kan ook zeer waardevol zijn voor supply chains in opkomende landen in Afrika, Zuid-Amerika en Azië. Voor het ontwikkelen en realiseren van dit type infrastructuur is Flying Swans opgericht.”

 

Exponentiele groei

In Ethiopië hebben de inspanningen inmiddels meetbaar resultaat opgeleverd. Afgelopen zomer werden de eerste twee koelcontainers met 24 ton avocado’s op de trein geladen en via de haven van buurland Djibouti naar Rotterdam verscheept. Het markeert de start van een potentieel zeer interessante en omvangrijke handelsstroom. De samples die van die eerste partij zijn uitgedeeld in de Nederlandse handelssector misten hun effect niet; de kwaliteit van de Ethiopische avocado’s werd als zeer goed beoordeeld.

Ethiopië heeft volgens Biemond ideale klimaatomstandigheden om het hele jaar door groente en fruit te telen. Avocado’s, maar bijvoorbeeld ook sugar snaps, mango’s, en zelfs bloemen, zijn mede door hun gemiddeld hoge waarde, nu al commercieel interessant. “Maar aangezien het bederfelijke waar is, is het cruciaal dat de keten gesloten is. De producten moeten van begin tot eind op de juiste temperatuur gekoeld worden.”

“Nu de keten zich bewezen heeft, doen steeds meer partijen mee. Volgend jaar gaat het om dertig containers met verschillende producten. De verwachting is dat deze exponentiele groei zich de jaren daarna verder doorzet. Het mooie is dat met het toenemen van het volume de logistieke kosten dalen. Dan komen ook goedkopere producten, zoals meloenen en sinaasappels, in het vizier.”

 

> Download of lees hier het hele interview. 

 

Nationaal Project

Grote afstanden en onbetrouwbaar transport, en daardoor lange transporttijden, hoge tarieven en bederf, zaten de ontwikkeling van de export altijd in de weg in Ethiopië. De inspanningen van Flying Swans zijn erop gericht die belemmeringen weg te nemen. Dat gebeurt in nauw overleg met marktpartijen aldaar. Er is ondersteuning tot op het hoogste niveau: premier Abiy heeft het project bestempeld als ‘Nationaal Project’ en de ministers van Transport, Landbouw en Handel maken deel uit van de Logistics Council, hetgeen garant staat voor snelle besluitvorming.

“We spelen slim in op het snelgroeiende en moderne spoorwegnet van Ethiopië en Djibouti. Belangrijk is dat de producten over de hele supply chain gekoeld worden; anders gaat de kwaliteit achteruit of bederven ze. Door op strategische plekken te investeren in cold stores krijgt de Ethiopische tuinbouw toegang tot de wereldmarkt. Maar ze kunnen met dezelfde infrastructuur ook consumenten in de eigen steden bedienen.”

 

Cool Port Addis

Flying Swans helpt mee met het ontwikkelen van een nationaal koellogistiek netwerk. De voorbereiding van de eerste investering is bijvoorbeeld al gestart: Cool Port Addis, een koelmagazijn op een containerterminal ten zuiden van de hoofdstad Addis Abeba. Daar zal fruit uit het achterland worden verzameld en geladen in koelcontainers. Cool Port Addis gaat gebruikt worden voor nationale, regionale en internationale distributie. Daarna zullen meerdere Cool Ports volgen op belangrijke fruit- en groenteknooppunten in het hele land. Er zijn verder plannen voor een logistiek centrum in de haven van Djibouti om de aanvoer van lege containers efficiënter te maken.

“Voor gespecialiseerde Nederlandse bouwers, groente- en fruithandelaren en dienstverleners in de koellogistiek biedt dat grote kansen. Ethiopië is na Nigeria het grootste land van Afrika en heeft een enorme potentie”, aldus Biemond. “De investeringen worden uiteraard altijd samen gedaan met lokale partijen en met oog voor de belangen van de bevolking daar. Het is belangrijk dat ondernemende, opkomende boeren ook van de infrastructuur en voorzieningen gebruik mogen maken. Zodat zij kunnen meeprofiteren; door meer afzet en een betere prijs.”

 

Banen creëren

“Als leidraad werken we met de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Zoals die voor het beperken van de CO2-uitstoot, het creëren van banen, en de beschikbaarheid van voedingsrijke producten: met veel mineralen en vitamines. We willen ertoe bijdragen dat het in de wereld beter gaat. Je hebt het echt over miljoenen banen als Ethiopië zijn eigen fruit-, groente- en agrologistieke industrie weet op te zetten. En de opbrengsten worden weer geïnvesteerd in het land zelf, zodat er ook in andere sectoren meer bedrijvigheid ontstaat.”

Die duurzaamheidsdoelen van de VN gaan heel goed samen met de andere doelen van Flying Swans, legt Biemond uit: “Het versterken van het Nederlands verdienvermogen door de handelsstromen naar de mainport/greenport te beschermen danwel te vergroten, en het creëren van investeringskansen voor Nederlandse bedrijven in de sterk groeiende economieën in opkomende landen in Afrika, Zuid-Amerika en Azie.”

De inspanningen helpen om ervoor te zorgen dat er voldoende aanvoer van groente en fruit blijft naar Nederland en Europa. Met de opkomst van China, de toenemende consumptie van de bevolking daar en de groeiende invloed van China in Afrika, is dat geen vanzelfsprekendheid, zo blijkt steeds vaker.

 

Schouder aan schouder

Voor de toekomst wil Biemond parallel aan de uitbouw in Ethiopië soortgelijke projecten in andere landen opzetten. In Zuid-Afrika, voor Nederland de belangrijkste leverancier van fruit, loopt al een soortgelijk project: de eerste investering in een consolidatiecentrum in de provincie Limpopo wordt volgend jaar verwacht. “Ondertussen kijken we ook al naar andere landen, zoals Ivoorkust, Nigeria en Guatemala.”

Volgens hem leert het groeiende succes van Flying Swans ook veel over de mogelijkheden van samenwerking binnen zo’n nieuw soort consortium als Flying Swans. “We bewijzen dat het kan, in zo’n afwijkende samenstelling. Wie had vooraf gedacht dat een waterbouwer als Boskalis schouder aan schouder kan optrekken met groente- en fruithandelaren. Die organisatorische innovatie is leerzaam voor andere sectoren en clusters. Samen staan Nederlandse bedrijven sterk en kunnen we de concurrentie met de Chinezen en Japanners aan.”

> Download of lees hier het hele interview. 

 

Terug